Geplaatst door: 
Verhaal

De Oprechte Dalfser Moppen.

De Oprechte Dalfser Moppen.                                 

Dalfsen heeft grote roem verkregen met zijn koekje ‘de Dalfser mop’. De bekendheid is zo groot geworden, dat de inwoners zelfs spottend ‘Dalfser moppen’ worden genoemd. Een ‘möpke’ is de algemene Oost-Nederlandse naam voor koekje. nb. Dit is voornamelijk Twents. In het Dalfser dialect is een koekje een kuukie. Volgens overlevering was het bakker Gerrit Frijling (1756-1833) die in 1784 bij toeval de eerste Dalfser mop bakte. De bolletjes deeg op de bakplaat die hij de oven in had geschoven waren voorbestemd om als zachte, vrij grote koekjes de deur uit te gaan. Toen hij de oven opentrok, snoof hij een voor hem volkomen vreemde geur op. Het betrof hier een misbaksel. Maar het rook zo lekker en bleek zo goed te smaken, dat bakker Frijling moeite moest doen om te bedenken waar de fout was gemaakt. Hij prentte zich het recept goed in. Sindsdien is het geheim van de receptuur binnen de familie Frijling gebleven. Het succes van het koekje werd zo groot, dat bakkers in Zwolle en Deventer het koekje probeerden te imiteren. Tevergeefs. Nu, na ruim tweehonderd jaar worden de ‘Oprechte Dalfser moppen’ nog steeds gebakken.

De mop is een hard soort zandkoekje dat doet denken aan speculaas.

De koekjes zijn gebakken van fijn gemalen tarwemeel met ingrediënten zoals peper, kaneel, koriander, suiker, gluten en ei. Dankzij een uitgekiend bakproces worden de excellente aroma’s verkregen die de Dalfser mop
zo bijzonder maken.
                                                         
De maling van de tarwe moest heel fijn zijn. Alleen een goede molenaar die zijn molenstenen goed kon billen, was daartoe in staat. Dankzij de vele adellijke huizen en buitenverblijven van rijke kooplieden rond Dalfsen was er veel vraag naar herenbrood: tarwebrood van fijn gemalen tarwe met een kruimige structuur. Dat werd geleverd door de betere bakkers die voor deze rijkere klanten ook de koek bakten.

Tijdens de beroemde jaarmarkten.

In Deventer, Ommen, Raalte en Zwolle, waar zelfs zes jaarmarkten waren, was bakker Gerrit Frijling met zijn zonen met meerdere kramen  aanwezig. In de Leeuwarder Courant  staat  een advertentie waar de Moppen verkrijgbaar waren in Friesland en in de Zwolse Courant van 26 juni 1822 staat een advertentie waarin gemeld wordt dat Gerrit Frijling met zijn Dalfser moppen en koekkraam op de Zwolse kermis voor het huis van de jufferen Ketwich staat en desselfs zonen met hunnen kraam voor de hoofdwacht aan de kerkdeur van de Michaelskerk.Zij recommanderen zich in de gunst van een ieder.

De Dalfser moppen vonden  gretig aftrek voor 2 stuivers per pond.

Bakkers die met hun koekwaar naar de jaarmarkt gingen, maakten gebruik van een transportbedrijf dat gespecialiseerd was in het vervoer met paard en wagen van deze producten en de kraam. Een beurtschipper transporteerde de moppen in kisten over de Vecht naar Zwolle (die bij Zwolle een aansluiting had op de stadsgracht). Vandaar werden de koekjes door heel Nederland verzonden naar de wederverkopers behalve naar de Zuidelijke Provincies.

Het bakkersbedrijf Frijling werd rond 1784 gestart  door Gerrit Frijling.

Zijn vader Albert Frijling was afkomstig uit Warmond en trad in 1755  in het huwelijk met de bakkersdochter Antonette Overweg uit Dalfsen. Albert werkte destijds op kasteel Rechteren in Dalfsen. Bakkerij Frijling zal een voortzetting geweest zijn van de bakkerij Overweg welke omstreeks 1700 in Dalfsen begon.

Als je vroeger op visite ging, werden de Dalfser moppen vaak meegenomen als cadeautje. Dat gebeurt nog steeds. Nu zelf in een mooi blikken trommeltje.

Folklorist   Jozef Cornelissen *1866 tekende het eerste versje op:

Dalfser Moppen  
Zonder koppen
Zonder oren
Zo bint Dalfser moppen geboren.


Info: Historische Kring Dalfsen
 

Reacties