Geplaatst door: 
Verhaal

De baker van Dalfsen

Martha Krake werd op 12 november 1868 in Ommen geboren. Op 27 maart 1897 trad zij in het huwelijk met Roelof de Graaf, geboren op 11 juni 1865 in de Prinsenstraat te Dalfsen.

 

 

Na haar huwelijk is zij gaan wonen in de Julianastraat. Zoals wel vaker gebeurt, heeft zij door een toevallige omstandigheid haar werkzaamheden, in dit geval als baker, ter hand genomen. Haar buurvrouw was namelijk in verwachting en toen de bevalling aanstaande was, kon de toenmalige huisarts dokter Te Rae, niet meteen komen. In die tijd was hij de enige arts in Dalfsen en moest aanvankelijk per fiets de hele gemeente Dalfsen bedienen. Later verplaatste hij zich per Puch motorfiets (stoomfietse). Hoe dan ook, de nood was kennelijk hoog en uiteindelijk riep zij de hulp in van buurvrouw Martha de Graaf. Die had echter op dat moment nauwelijks kennis van zaken, maar ze kwam toch! Toen het kind ter wereld kwam, heeft zij het opgevangen en in een wollen deken gewikkeld in afwachting van dokter Te Rae. Die kon haar doortastendheid zeer waarderen. Op die manier kreeg ze kennis van bevallingen en is vanaf dat ogenblik zonder verdere scholing doorgegaan met deze activiteiten. Zodoende werd zij “de baker van Dalfsen”.

 

 

In haar functie verzorgde zij gedurende ongeveer twee weken, twee keer per dag moeder en kind. In tegenstelling tot de huidige filosofie huldigde ze de regel, dat de kraamvrouw vóór de negende dag het bed niet uit kwam.

Het wasgoed nam zij mee naar huis en behandelde dat voor eigen rekening. Wassen deed ze bij de gemeenschappelijke pomp, waarna zij het bij haar thuis te drogen hing aan spijkertjes boven de kachel. De volgende dag nam ze de schone was weer mee in haar schort. Voor haar diensten ontving zij slechts f. 17,50.

 

 

Bij verschillende winkeliers kreeg zij regelmatig gratis extra levensmiddelen voor de kraamvrouw. Bovendien verzorgde zij de inventaris van het Groene Kruisgebouw, dat toen op de plaats stond waar nu de Amrobank is, waarbij zij eveneens de noodzakelijke artikelen uitreikte.

Martha maakte praktisch iedere bevalling mee en wanneer zij weer thuis kwam na de zoveelste geboorte en haar de vraag werd gesteld “hoe was het”, antwoordde zij steevast “alles zit d’rop en d’ran”.

Zo heeft zij tijdens haar “bakerleven” een groot aantal Dalfsenaren ter wereld helpen brengen, waarbij godsdienst - misschien wel uitzonderlijk voor die tijd - geen enkele rol speelde.

 

 

Namen van bekende families zijn onder meer Feyen, van Hulzen, Bisschop, Bergman, Frijling, Wijnberger, Dwars, Gorter en ook bakerde zij een zoon van de Joodse slager Vomberg, die toen aan de Zwolscheweg woonde. Over de familie Dwars bestaat nog een leuke anekdote. Nadat Aalt Dwars als knecht in Dalfsen was komen werken bij de toenmalige schoenmaker Kamphuis, trad hij na enige tijd in het huwelijk met “de dochter van de baas”. De bruidegom was echter een aantal jaren jonger dan de bruid. Toen er dan ook binnen een jaar een kind werd geboren, liet Martha duidelijk doorschemeren dat er beter geen kinderen meer konden komen. Maar het tegenovergestelde gebeurde; binnen een jaar was er zelfs een tweeling, waarbij zij duidelijk haar ongenoegen uitte door op te merken “en nog wel twee, snotneuze”.

Eén van de laatste geboortes waarbij Martha heeft geholpen, was die van haar achterkleinzoon Roelof Knopert. Kennelijk had zij door haar ervaring een scherp inzicht gekregen, want toen er een kind werd geboren dat later blind bleek te zijn, zag zij eerder dan de dokter dat er “iets niet in orde was met de ogen”.

 

 

In de laatste periode van haar werkzame leven beefde zij nogal, hetgeen aan omstanders, wanneer zij een kind droeg, weleens de opmerking ontlokte “loat ma niet vall’n”. Hierop antwoordde ze dan beslist: “Wat ik in de haande heb, loat ik niet vall’n”.

Onder de mensen die nu nog leven stond ze bekend als “opoe Marte”. Of deze drukke  werkzaamheden nog niet genoeg waren, heeft zij in de zomertijd ook nog in de keuken geholpen bij “Hotel Van Kuik” (nu “De Zeven Deugden”).

Uiteindelijk is zij ingetrokken bij haar dochter mevrouw Apperlo aan het Brugplein (ongeveer op de plaats waar nu het gemeentehuis staat). Zij overleed daar in 1954.

 

Dit verhaal van Gerrit van der Kolk is eerder gepubliceerd in het tijdschrift Rondom Dalfsen nr. 49 -april 2004 van de Historische Kring Dalfsen.

Reacties